Werkgevers en werknemers gebaat bij staatsexamen NT2

1 november 2012

 

Waarom zou je als werkgever een training voor het staatsexamen NT2 betalen voor een werknemer van allochtone herkomst? We stelden de vraag aan Monique Schoorl (directeur) en Linda Stamkot (coördinator) van Fiolet Taaltrainingen in Hoorn. Zij hoefden niet lang na te denken: ‘Voor de werknemer is het behalen van het diploma een opsteker met een positief effect binnen het team. Als iemand drie jaar in Nederland is en nu al het staatsexamen NT2 haalt, dan is die werknemer ontzettend trots. Vaak krijgt hij direct erkenning van zijn collega’s. Als werkgever wil je toch tevreden werknemers, want dan zijn ze ook tevreden over het bedrijf.’

De voornaamste reden voor werkgevers om iemand aan te melden voor een taaltraining is echter vooral dat zo’n werknemer heel goed is in zijn werk. Het bedrijf ziet potentie, wil hem graag houden en een aanvullende (vak)opleiding laten volgen om op termijn een leidinggevende functie te krijgen. Maar dan blijkt zijn Nederlands niet voldoende voor die opleiding.

Eigen initiatief

De dames van Fiolet Taaltrainingen kennen dit uit eigen ervaring. Momenteel volgen ongeveer 90 cursisten bij hen een training; ruim driekwart voor Programma I, de rest voor Programma II. Bij veel cursisten speelt eigen initiatief daarbij een grote rol. Zij willen beter Nederlands leren en gaan op zoek naar de mogelijkheden. Ook via mond-tot-mondreclame komen veel deelnemers uit bij Fiolet Taaltrainingen. De doelgroep voor de staatsexamens is een mondige groep. Vaak hebben de potentiële deelnemers zelf al een duidelijk wensenpakket. Ze kloppen dan bij de afdeling Personeelszaken (PZ) van hun werkgever aan en vragen of het bedrijf de training wil bekostigen.

Monique: ‘Dat wordt vaak gehonoreerd. De taaltrainingen zijn niet duur in vergelijking met veel andere bedrijfstrainingen. In overleg rolt er een mix uit van eigen leerwensen en voorbereiden op het staatsexamen. Als PZ akkoord is wordt een contract afgesloten.

Facilitering door werkgever

Faciliteren bedrijven hun werknemers nog op andere manieren, behalve door het cursusgeld te betalen? Dat blijkt nogal te verschillen. Monique: ‘De gemeente Hoorn heeft altijd een actief inburgeringsbeleid gevoerd. Veel inburgeraars die dat aankonden, werden naar een staatsexamentraject verwezen. Als een cursist via de gemeente binnenkomt en werk heeft, doet het bedrijf eigenlijk niets. Maar als de deelname via de werkgever tot stand komt, dan faciliteert deze soms in verregaande mate.’ Een mooi voorbeeld is een medewerkster van Defensie. Zij mag ter compensatie van de lesuren een dagdeel thuis werken om te besparen op reistijd. Ze gaat dan aan het eind van de middag naar de taalles. Ze krijgt ook nog een dagdeel om huiswerk te maken. Zo riant is het meestal niet.’

Bewaking van de investering

Linda stelt vast dat de taaltraining eigenlijk zelden in werktijd plaatsvindt. ‘Als de werkgever ontdekt dat de taalvaardigheid van zijn medewerkers na een aantal lessen verbetert, dan blijkt hij vaak wel open te staan voor betere facilitering. Een knelpunt is nogal eens het werken in ploegendienst. De werktijden kunnen dan wringen met de lestijden, waardoor cursisten lessen missen. Linda wijst ook hier op de zelfredzaamheid van de cursisten: ‘In eerste instantie stappen ze zelf naar hun baas en proberen iets te regelen. Soms wordt dan een ploegendienst overgenomen.’ Lukt dat niet, dan neemt Fiolet Taaltrainingen contact op met het bedrijf. Zeker als blijkt dat de resultaten van de cursist lijden onder de werkplanning . Linda: ‘Dat is ook in het belang van de werkgever. Die betaalt immers.’

Respons werkgever

Welke reacties krijgt de taalaanbieder van bedrijven, tijdens de training of na het behalen van het diploma staatsexamen NT2? Linda geeft het voorbeeld van een bedrijf dat heel tevreden is over hun werknemer Hama: ‘Hij doet zijn werk heel goed. Het is een klein bedrijf en ze kunnen daar niet wachten tot hij zijn diploma heeft gehaald. Dan kan hij een (deeltijd) hbo-opleiding gaan volgen en kan hij leidinggevende worden.’ Het behalen van het staatsexamendiploma blijft voor de werkgever toch vooral het opstapje naar verdere scholing en wellicht promotie. Vaak gaat het om werknemers die bij het bedrijf binnenkomen met goede, bruikbare kennis van het product of van het werk.

Hartstochtelijk pleidooi

Linda en Monique merken nogal eens dat allochtone werknemers het twee, drie keer beter moeten doen dan collega’s. Vaak worden ze afgerekend op hun Nederlands en werken ze ver onder hun capaciteiten. Bedrijven met werknemers voor wie het Nederlands niet de moedertaal is geven ze dan ook de tip beter gebruik te maken van de capaciteiten en zich vooral niet blind te staren op de taal: ‘Ga niet fixeren op het corrigeren van ‘de’ en ‘het’ fouten. Let op wat iemand vakinhoudelijk te bieden heeft. Het taaltekort is goed weg te werken met een taaltraject dat klaarstoomt voor een van de staatsexamens NT2.’ Wij hopen dat er veel PZ-medewerkers, managers en directieleden van bedrijven zijn, die dit hartstochtelijk pleidooi van twee ervaren taaltrainsters ter harte nemen.

Pijl omhoog